Donderdag, 30 Januari: ik arriveer in Londen, het is een opmerkelijke dag. Het is 1 dag voordat het Verenigd Koninkrijk uit de EU stapt. Het weer is grijs en fris, zoals het een winterdag betaamt. Maar het voelt bijna als de welbekende stilte voor de storm.
Op de dag Brexit-dag zelf bezoek ik onder andere Banqueting House. Een van Londen’s (vele) historische gebouwen. Banqueting House is befaamd vanwege de prachtige schilderijen van Rubens, maar staat ook bekend als de locatie vanwaar Karel I naar het schavot liep voor zijn onthoofding.
Door van de ramen zie ik de Royal Horse Guards. Zo stil als de paarden staan (en ruiters zitten) lijkt het representatief voor de Britse samenleving: rechtop en rustig. Ook wanneer ik een stukje over de Mall loop blijft dit gevoel bij me hangen. Aan de Mall hangen Britse vlaggen terwijl voor me Buckingham Palace opdoemt.
Wat gaat er gebeuren?
Die avond spreek ik (niet-Britse) alumni die werkzaam zijn in de Britse hoofdstad. Zij zijn natuurlijk erg benieuwd wat de komende tijd zal gebeuren. Zullen zij nog welkom zijn? Moet er veel administratief geregeld worden? Het is voor allen van hen afwachten.
Twee dagen later verlaat ik het Verenigd Koninkrijk. Een non-EU land wat zich voorbereidt op de onderhandelingen. Wat de toekomst ook moge brengen, het blijft een land waar dierbare vrienden werken en wonen: Brits en EU. Voor hen kom ik graag terug. Laten we vooral dit netwerk goed onderhouden. Laten we vooral naar elkaar omzien. EU of niet, het Verenigd Koninkrijk is nog steeds dichtbij.
We zijn nu 3 jaar verder; inclusief 2 jaar Corona en 1 nieuwe Britse monarch. Ondertussen zijn de Brexit-onderhandelingen nog steeds gaande. Maar ook nu geldt dat alles in relatieve rust voortduurt.




